Top

“Die agent zei: ‘Oké doorrijden maar.’ Echt ongelofelijk!”

“Die agent zei: ‘Oké doorrijden maar.’ Echt ongelofelijk!”

Vorige week hebben de twee broers Youssef (18) en Mohamed Nour (22) Alagha de kerstboom opgetuigd. Hij staat mooi in de hoek bij het raam in een pot met aarde met daaromheen een plastic tas van de Action. Gekleurde lampjes en kerstballen. “Eigenlijk zijn wij moslims, maar in Damascus zagen we natuurlijk wel eens een kerstboom bij christelijke mensen. Het leek ons zo mooi om er ook eens een te hebben.”

Sinds 10 augustus 2016 wonen ze in een klein appartement op de tweede verdieping in Lewenborg. “Omdat wij nog zo jong zijn kwamen we niet in aanmerking voor een groter huis,” zegt Youssef. Er is één slaapkamer (“sorry voor de bende, wij zijn jongens, hè”) met een tweepersoonsbed. Dat bed is voor de oudste, Mohamed. Youssef slaapt op de bank in de kamer. Na die 10e augustus hebben ze hard gewerkt in het huis, waar voorheen een oudere man woonde. Na diens dood konden zij er in. “We moesten veel verven, de muren waren zwart, wit en geel, het leek wel een nachtclub!” Veel spullen konden ze overnemen. Een koelkast, een oven en een wasmachine kochten ze nieuw: “Die heb je voor meer dan tien jaar, die moeten het goed doen en veilig zijn.”

 

Youssef en Mohamed hadden geluk toen zich vorig jaar in de noodopvang via een ‘kennismakingsetentje’ bij een Nederlands gezin terecht kwamen. “We zien hen nog steeds en ze hebben met alles geholpen. Met Sinterklaas waren we er ook, hebben we gezellig gegeten.” Voor de rest is het contact met anderen nogal minimaal. Wie de buren zijn? “We zeggen elkaar vriendelijk gedag, maar we praten niet.” Zijn het allemaal Nederlandse buren? “We denken van wel want ze zien er behoorlijk Nederlands uit.” Op de eerste verdieping van het appartement is een ontmoetingsruimte voor de bewoners van de ongeveer veertig appartementen. Maar ze gaan er niet heen om een bakje koffie of een praatje:  “We willen ons niet opdringen.” Maar eind van het jaar is er een gezamenlijk eten, en dan gaan ze zeker. Ook met de andere Syriërs uit de noodopvang hebben ze weinig contact. Je gaat niet zomaar bij elkaar langs, misschien is die ander wel druk en komt het niet uit.

 

Mohamed gaat drie dagen per week naar het Alfa college om Nederlands te leren, maar Youssef zit thuis. Sinds hij 18 werd stopte zijn school, de Internationale Schakelklas, die hij een half jaar had bezocht. Nu probeert hij een goede taalschool te vinden. Waarom hij in de tussentijd niet lekker gaat sporten? Broer Mohamed: “Zeg maar gewoon dat je daar te lui voor bent!”

 

Deze week was er goed nieuws voor Mohamed: zijn vrouw Sally kan een dezer dagen een visum ophalen op de Nederlandse ambassade in Beiroet. Ze komt begin volgend jaar. Hij laat een foto van hen samen zien: mooie jonge mensen in gelukkiger tijden in Damascus. Youssef en Mohamed wachten nog op de uitslag of hun vader, moeder en zus in het kader van de familiehereniging ook kunnen komen. Youssef was 17 toen hij de aanvraag deed, en volgens de regels wordt hereniging dan toegestaan. Maar het duurt wel lang inmiddels. Berustend: ”We have to wait.”

En dan nog een mooi verhaal over de Nederlandse politie: Kort geleden kocht Mohamed een tweedehands scooter in de stad. De verkoper had niks gezegd over een rijbewijs. Prompt werd Mohamed aangehouden. “Ik zei eerlijk dat ik het niet wist, dat je een rijbewijs nodig had. En echt, ongelofelijk, die agent zei: ‘Oké, doorrijden maar. Maar de volgende keer krijg je een boete van 250 euro.’ Dat is echt ondenkbaar in Syrië!” Na overleg met Youssef besloot Mohamed de scooter maar weer te verkopen. Want zo’n rijbewijs kost aardig wat en zo’n boete is ook niet niks. Ze waren de scooter zo kwijt via Marktplaats. “Ik heb hem drie dagen gehad.“

 

Thuis bij Yousef (18) en Mohamed Nour (21) Alagha

 

portret3hsh

 

Geen Reacties

Sorry, het reactieformulier is gesloten.